Samen slapen

Ik was op alles voorbereid: urenlang ‘kletsen’, boze smoeltjes (lees: ikke niet inne nieuwe bed slapen, mama!), nachtbraken, bij elkaar in bed klimmen… Een bekende waarschuwde diezelfde dag nog: ‘Het is drie weken afzien, daarna gaat het goed’. Eenmaal voor het eerst bij elkaar op de kamer was het binnen vijf minuten stil en bleef het stil. Ehhh…

Eerst zouden ze allebei een eigen kamer krijgen. Oudste Zoon bleef waar ‘ie was, Jongste Zoon moest naar zolder. Ruim baan voor de baby. Dat was voordat we de omvang van het bouwproject in de smiezen kregen. We besloten de mannen toch maar op één kamer te parkeren. Het voelde niet helemaal goed – ze zien elkaar al 12/7 – maar het idee om in het pikkedonker richting zolder te klimmen, stond al helemaal niet aan. Het besluit was genomen.

Steeds vaker herinnerde ik mijn eigen samen-slaap-avonturen. Ik op de hoogste etage van het stapelbed, zuslief beneden waar zich ook onze hut bevond. Wekenlang – tenminste, zo voelde het – ontvreemden we voor het slapengaan snoepjes uit de trapkast die we vervolgens goed verstopten. Eenmaal in bed begon het snoepfestijn, de papiertjes verdwenen achter ons bed. Zusje vond ’t maar niets – ‘Straks ziet mama het nog’ – maar ik wuifde haar zorgen weg. Ten onrechte. De preek die op ons avontuur volgde, kan ik nog steeds navertellen.

Zoons zijn te klein voor snoepfestijnen, maar een beetje drakigheid had ik dus wel verwacht. Vol ongeloof besloten we na een uurtje maar eens te gaan kijken. Jongste Zoon sliep, Oudste Zoon zat rechtop in bed. Man: ‘Wat doe je?’. Zoon: ‘Blempie kijken’. #zokanhetdusook #broederliefde

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *